W.H.O.E. in de media
De W.H.O.E. heeft met zijn activiteiten met regelmaat de media opgezocht en behaald. Hierbij een impressie van de geschreven artikelen uit de diverse media.
image006
image008
image013
image017

Barbecue voor vrijwilligers Kofferbakverkoop

Publicatie: Stentor 30 september 2013


AfbeeldingFotograaf: WHOE  


Tientallen vrijwilligers van de Werkgroep Hulptransport Oost Europa (WHOE) hebben zaterdag in Beekbergen genoten van een barbecue. Deze werd aangeboden door restaurant het Jachthuis aan de Lage Bergweg.   WHOE is in Apeldoorn vooral bekend van de organisatie van de kofferbakverkopen langs het Kanaal. Met het geld worden de hulptransporten mogelijk gemaakt.  


"Omdat wij het geweldig vinden wat zij allemaal doen voor de medemens in Oost-Europa verklaren restaurant-eigenaars Wil en Angela Boone hun geste.,,Maar ook omdat we elk jaar een keer een zaterdag op de kofferbakverkoop staan en dan weer versteld staan van wat die vrijwilligers allemaal presteren, geweldig. Je kunt natuurlijk geld geven als sponsoring, maar het leek ons veel leuker om al die hardwerkende vrijwilligers eens in het zonnetje te zetten en bij ons in het restaurant lekker te laten eten.''

  Zo'n aanbod is natuurlijk een geweldige verrassing voor ons en die hebben we dan ook met beide handen aangenomen'', aldus Leen van Rijswijk, voorzitter van de WHOE. ,,Het was heerlijk en erg gezellig, en ontzettend leuk dat ons werk zo gewaardeerd wordt.''

Overgebleven speelgoed kleedjesmarkt naar Oost-Europa

Publicatie: 14 augustus 2006, website gemeente Apeldoorn  


Veel kinderen zullen zich afvragen waar ze met het overgebleven speelgoed heen moeten als de kleedjesmarkt is afgelopen. Weer mee naar huis nemen of is er een andere goede bestemming? Die is er zeker! Kinderen die hun speelgoed na afloop van de kinderkleedjesmarkt op 15 augustus niet mee naar huis willen nemen kunnen dit afgeven bij medewerkers van de Werkgroep Hulptransporten Oost-Europa (WHOE). Vrijwilligers nemen het in goede staat verkerende speelgoed graag in ontvangst.


  http://www.apeldoorn.nl/data/internet/nieuws_en_media/laatste_nieuws/weekend_totaal/3306/speelballen.jpg
De dankbaarheid van de kinderen is erg groot als weer
een partij speelgoed is afgeleverd.  


Dit jaar is het de tiende keer dat WHOE het overgebleven speelgoed in ontvangst neemt. “In 1997 hielden we een aanhanger met speelgoed over voor kinderen in Roemenië”, zo vertelt Ben van der Velden. “In de loop der jaren is dat gegroeid tot zo’n 20 kuub, vergelijkbaar met de laadruimte van een grote bestelbus. Vanaf het begin, nu dus tien jaar geleden, hebben we meer dan 100 kuub aan speelgoed opgehaald. 


Samen met vele andere goederen gaan twee grote vrachtwagens per jaar naar Oost-Europa om daar de kinderen en volwassenen te verrassen. Je moet de reactie van de kinderen eens zien als we het speelgoed overhandigen. Ze gaan helemaal uit hun dak. Prachtig!” Overigens worden de kinderen niet alleen blijgemaakt met speelgoed maar ook met knuffels en kleding.  


Financiën 

Per hulptransport is zo’n € 5.500 nodig. Deze kosten zitten bijvoorbeeld in de huur van de transportmiddelen, brandstof en grensdocumenten. De werkgroep was hoofdzakelijk financieel afhankelijk van giften.  


Tegenwoordig houdt de werkgroep eigen verkoopacties, waarvan de winst ten goede komt aan de kas. Ook zijn er sinds drie jaar iedere zaterdag in juli en augustus de kofferbakverkopen langs het Apeldoorns Kanaal. Ook deze opbrengsten worden benut voor de hulptransporten.  


Na elk transport maken de vrijwilligers een verslag van de reis dat wordt verstuurd naar de mensen die een gift hebben gegeven of goederen hebben afgestaan. Ook wordt daar een financieel verslag aan toegevoegd om te laten zien waar het geld aan besteed is.  


In oktober vertrekt het twintigste transport naar de Oekraïne. “En nu maar hopen dat het allemaal vlotjes verloopt”, zo spreekt Van der Velden de wens uit. “Voor de zekerheid leggen we een paar grote kermisknuffels in de cabine bij de chauffeur. Vaak laten de douanebeambten aan de grens in Oost-Europa je gerust 24 uur wachten omdat een paar papieren zogenaamd niet in orde zijn.   Door de beambten dan een knuffel te geven voor hun kinderen kunnen we hen ‘omkopen’.


Het klinkt misschien vreemd maar het is in die landen de normaalste zaak van de wereld om zo iets gedaan te krijgen.”   Overigens gaat niet alles mee op transport. Van der Velden: “Voordat de spullen in grote dozen worden verpakt sorteren vrijwilligers de spullen voor de verschillende doelgroepen; baby’s, kinderen en volwassenen. Verder gaat speelgoed dat werkt op batterijen niet mee omdat batterijen in Oost-Europa vaak onbetaalbaar zijn. 


Ook Nederlandse leesboekjes gaan niet mee op transport. Maar gelukkig gaat er ook heel veel wel mee. Ik schat dat zo’n 95 procent van al het speelgoed, kleding en andere spullen meegaat. Behalve naar kinderen gaan de goederen ook naar bejaardentehuizen, ziekenhuizen en het Rode Kruis.”  


Naar Roemenïe gaan de hulptransporten de laatste paar jaar niet meer. “Dat land wil graag bij de Europese Unie horen en dan passen hulptransporten daar niet bij.”   Wat heeft de WHOE al gedaan? WHOE heeft in haar bestaan al 19 transporten uitgevoerd. De transporten vanaf 2000 gingen met name naar Roemenië en Oekraïne.   In oktober 2000 werden 4 tehuizen in het midden en oosten van Hongarije voorzien van hulpgoederen. Door nieuwe wetgeving in Roemenie was het tijdelijk niet mogelijk Roemenië in te komen.  


In april 2001 ging het hulptransport wel weer naar Roemenië, naar dezelfde tehuizen als in 1999, aangevuld met een kinder- en een ziekenhuis.   In oktober 2001 is er een extra hulptransport gereden naar Kiev in de Oekraïne, dit op uitdrukkelijk verzoek van de stichting Caritas uit deze plaats.  


In april 2002 ging een tweede transport met 100 m3 goederen naar Kiev in de Oekraïne. Met dit transport reden drie medewerkers van de stichting in een eigen auto mee, om ter plekke te kijken of alles goed terecht was gekomen en om te kijken wat er met het transport van een paar maanden eerder was gebeurd.  


In oktober 2002 is de werkgroep met vier wagens naar Roemenië gereden waar een complete inboedel naar een nieuw op te zetten school is gebracht. Er waren zoveel goederen verzameld dat er even een tekort ontstond aan vrachtruimte. Dankzij de hulp van geldschieters heeft de stichting op het laatste moment nog een vrachtwagen kunnen regelen. 


In maart 2003 was Kiev het doel van het hulptransport. Ook hierbij zijn weer twee werkgroepleden op eigen gelegenheid naar Kiev gegaan om daar alles in goede banen te leiden. Helaas waren de grenspapieren door de nieuwe organisatie niet goed aangevraagd en heeft het transport vier dagen bij de grens moeten wachten. Toch is alles op de goede plaats terechtgekomen en hebben heel veel mensen kunnen profiteren van dit transport.   In het najaar van 2003 was de Oekraïne weer het doel van de reis, alleen nu niet Kiev, maar Chortkiv in zuid-west Oekraïne.  


In het voorjaar van 2004 was het voor de stichting erg moeilijk om Roemenië in te komen. Toen werd besloten om een hulptransport, op verzoek van de stichting Maris, naar Hongarije te brengen.  


In het najaar van 2004 is er een noodhulptransport gebracht naar Scala Podilska in zuid-west Oekraïne. Het transport is afgegeven bij een meisjes - / vrouwentehuis.   Omdat de stichting de opslagruime in Apeldoorn per 1 april moest verlaten heeft ze eind maart 2005 de goederen in een spoedtransport naar het oosten van Hongarije gebracht.  


Het twintigste transport staat gepland voor oktober richting de Oekraïne.  


De Werkgroep Hulptransporten Oost-Europa (WHOE) is een groep van 12 vrijwilligers die zich het lot van vooral de kinderen in Oost-Europa aantrekt. Eén van de belangrijkste doelen van de werkgroep is dat zij de goederen zélf naar de betreffende kinderen, scholen of dorpen brengt. Zo weet de werkgroep dat de goederen die hun door verschillende mensen in goed vertrouwen zijn aangeboden, op de juiste plaats terecht komen.